De
Major beslaat driekwart van je bacheloropleiding. In de Major informatiekunde maak
je kennis met het vakgebied informatiekunde en de vele aspecten van ICT. In het eerste
jaar ligt het accent op het opbouwen van basiskennis en -vaardigheden
die je nodig hebt in het vervolg van de studie. Je volgt vakken op de gebieden organisatiekunde,
cognitieve psychologie en communicatiekunde, waarin je leert hoe mensen
samenwerken, denken en handelen en hoe ICT dat beinvloed. Je leert hoe informatie, documenten en kennis met
elkaar samenhangen en op welke wijze organisaties daar middels ICT optimaal gebruik van kunnen
maken. Daarnaast leer je bijvoorbeeld hoe XML-document-technologie werkt en de eerste beginselen
van het programmeren in de taal Java. Zo leer je zelf hoe met de techniek om te gaan.
.
In het tweede en derde jaar ligt het accent meer op kennisverdieping,
zelfwerkzaamheid, het leggen van verbanden, en het (zelfstandig) toepassen
van de theorie in een onderzoeksproject of -stage.
.
In de driejarige bachelorfase
wordt veel aandacht besteed aan academische vorming en vaardigheden. Denk aan vaardigheden als samenwerken in groepen, planning, time management
en logisch argumenteren. Dat
merk je in iedere cursus, maar er is ook een speciale informatievaardighedencursus.
.
DE PROFILERINGSRUIMTE (MINOR)
In de profileringsruimte (een kwart deel van de bachelor-opleiding) kun je vakken kiezen uit het
totale cursusaanbod van de Universiteit Utrecht. Daarbij
gaat het om de volgende vijf mogelijkheden:
.
extra cursussen binnen de major informatiekunde,
cursussen buiten de major informatiekunde,
voorbereidingscursussen voor een bepaald masterprogramma,
cursussen die voorbereiden op een ander vervolg van je (studie) loopbaan, of
cursussen die samen als een minor worden aangeboden.
.
De laatste mogelijkheid, een minor kiezen, betreft de keuze voor een geheel pakket van cursussen.
Diverse minors worden aangeboden.
Voor informatiekunde wordt in elk geval een bijpassende minor informatica
aangeboden.
Hiernaast hebben studenten vaak belangstelling voor een minor
uit de sociale wetenschappen, de bestuurs- en organisatiewetenschappen of de Letteren.
.
Het is ook mogelijk de profileringsruimte te gebruiken om een of meer aspecten
van de informatiekunde verder uit te diepen.
.