Onderzoeksmethoden

Nieuws

Algemeen

Deze webpagina is voor de vakken Onderzoeksmethoden voor Informatica en Onderzoeksmethoden voor Gametechnologie.

De informatie op deze webpagina is nog voorlopig; wijzigingen kunnen nog optreden!

Aangeraden wordt dit vak in het derde jaar van de studie te volgen. 2e jaars (Gametechnologie)studenten wordt dus aangeraden een ander vak, bijvoorbeeld Interactietechnologie te volgen in periode 1 van 2011/2012. In periode 3 van 2011/2012 zal een groep voor Gametechnologie starten. Doe hier alleen aan mee als je ver genoeg in je studie bent.

Dit vak houdt veel werk in. Houd er rekening mee dat je op andere dagen nog veel bezig bent met allerlei opdrachten.

Communicatie

Verslagen en papers moeten ook op papier worden ingeleverd in het postvak van de werkcollege-leider in BBL5.13 of eventueel bij college.

Stuur je een mail (naar wie dan ook), begin de subjectheader dan altijd met [omi] (INCA) of [omg] (Gametech) gevolgd door het onderwerp, bijvoorbeeld “onderzoeksplan en lijst met referenties voor paper,” of “tussenverslag onderzoeksproject,” of “projectpaper”.

E-mail adressen werkcollege-leiders:

Verplichte aanwezigheid

Belangrijk: aanwezigheid is verplicht bij alle colleges en werkcolleges. Zowel het bijwonen van de onderzoekspresentaties, als het bijwonen van presentaties van de projecten (tussen en eind) is dus verplicht, net als de werkcolleges over statistiek. Ook de twee colleges over Filosofie van de Wetenschap en het Wetenschappelijk Bedrijf (door Peter de Waal) zijn verplicht.

Incidentele afwezigheid

Incidentele afwezigheid om goede redenen is mogelijk. De volgende regeling wordt gevolgd: Regelmatig te laat komen kan ook tellen voor een of meer keer afwezigheid.

Aanbevolen literatuur

Links

Leerdoelen

Onderdelen

De verschillende onderdelen van het vak zijn: De researchprojecten worden gedaan in groepen van 3 of 4 studenten; de literatuurstudie en paper worden individueel gedaan.

Het hoorcollege is soms 2, soms 4, en soms 0 uur per week. De werkcolleges zijn in groepen van ongeveer 15 studenten, behalve de werkcolleges statistiek. Die zijn met de hele groep. in deze groepen houd je je flitspresentatie en onderzoeksvoordracht, luister je naar en bespreek je de onderzoeksvoordrachten van je groepsgenoten, en houd je samen met de anderen uit je projectgroep de tussenpresentatie en eindpresentatie van het project.

Hoorcollege

Op het hoorcollege worden diverse onderwerpen behandeld. Voor het schema, zie hieronder. Het hoorcollege en werkcollege statistiek is gezamelijk voor de vakken Onderzoeksmethoden Informatica en Onderzoeksmethoden Gametechnologie.

Paper en onderzoeksvoordracht

Keuze onderwerpen

Iedere student krijgt een onderwerp uit een lijst van onderwerpen. Er zijn twee lijsten waar je uit kan kiezen: voor Onderzoeksmethoden Informatica en voor Onderzoeksmethoden Gametechnologie. Je mag ook een onderwerp kiezen uit de andere lijst, maar als meerdere studenten hetzelfde onderwerp kiezen wordt een onderwerp eerst gegeven aan een student "voor wie het onderwerp uit de goede lijst komt". Deze lijsteb worden hieronder gegeven. Iedere student stuurt per email naar Hans Bodlaender (INCA, H.L.Bodlaender@uu.nl) of Marjan van den Akker (GameTech, J.M.vandenAkker@uu.nl) met [Onderzoeksmethoden] in de header voor maandag 13 februari 2012, 09.15 uur een lijst met Je krijgt later een email waarin staat welk onderwerp je krijgt.

Over dit onderwerp schrijf je een paper en houd je een onderzoeksvoordracht.

Paper

Je schrijft een paper over het onderzoeksonderwerp dat je gekozen/gekregen hebt. Dit paper: Uitertlijk 24 feb moet je een lijst met gebruikte referenties inleveren. Deze lijst mag later nog uitgebreid worden. Inleveren moet per e-mail aan je werkcollegeleider. Je paper moet uiterlijk 8 maart 17.00 uur ( strict ) worden ingeleverd. Let op: dit is al redelijk snel in de periode! Begin dus vooral op tijd! Inleveren kan door de pdf-file van de paper als bijlage te sturen van een email naar je werkcollegegroepleider.

Voordracht

Iedere student geeft een voordracht van 25 minuten over zijn onderzoeksonderwerp. Deze voordracht wordt daarna besproken in de groep, waarbij gekeken wordt naar presentatievaardigheden, opbouw, etc. In een hoorcollege wordt aandacht gegeven aan waar je op moet letten bij het maken of het geven van een wetenschappelijke voordracht.

Het tijdstip van je voordracht wordt je gegeven door je werkcollegegroepleider. Je mag met andere studenten van je groep ruilen: geef dit dan z.s.m. door aan je werkcollegegroepleider.

Ook hier geldt: begin op tijd met alle voorbereidingen van je voordracht!

Werkcollege

Alle bijeenkomsten van het werkcollege zijn verplicht!

Onderdelen van het werkcollege zijn:

  1. Geven van wetenschappelijke voordrachten
  2. Presentaties van projecten (tussenpresentaties en eindpresentaties)
  3. Werkcolleges over statistiek (met hele groep)

Onderwerpen

Bij elk van de onderwerpen geldt dat je paper en voordracht vooral de informatica- / ICT-aspecten van het onderwerp behandelen. Het is bijvoorbeeld niet de bedoeling om een paper en/of voordracht te hebben dat vooral ingaat op de maatschappelijke aspecten.

Informatica

Deze onderwerpen zijn bedoeld voor studenten die het vak Onderzoeksmethoden Informatica volgen.

Gametechnologie

Deze onderwerpen zijn bedoeld voor studenten die het vak Onderzoeksmethoden Informatica volgen.

Overige onderwerpen

In overleg kunnen andere wetenschappelijke informatica/gametechnologie onderwerpen eventueel gekozen worden. Overleg dit van te voren met Dirk Thierens en Gerard Vreeswijk, en kies ook drie reserveonderwerpen uit de lijst. Zeker niet alle zelf gekozen onderwerpen zullen/kunnen goedgekeurd worden.

Flitspresentaties

In het werkcollege van 17 februari houdt elke deelnemer in zijn werkcollegegroep een flitspresentatie. Een flitspresentatie is een presentatie van maximaal twee minuten en minimaal een en maximaal drie slides (Powerpoint of pdf-file mogen beide), over een onderwerp uit de actualiteit.

Onderzoeksprojecten

Groepen van 3 of 4 studenten doen samen een onderzoeksproject. Er zijn drie mogelijke onderwerpen: De onderwerpen en werkwijze wordt uitgelegd in het college.

Het project heeft vijf `deliverables':

Projecten worden gedaan in groepen van drie of vier studenten. Je mag zelf kiezen met wie je het project samen doet. Elk van het groepje moet dan de namen van de medestudenten naar Hans Bodlaender (INCA) of Marjan van den Akker (GameTech) mailen. Als je dat niet doet, wordt je ingedeeld. Je moet de keuze voor het project ook mailen naar genoemde personen voor maandag 13 februari 9.15 uur; bij voorkeur in dezelfde mail als de keuze van het onderwerp.

Iedere deelnemer moet op de hoogte zijn en begrip hebben van alle onderdelen van zijn/haar project. Desgevraagd moet je over elk van de aspecten van het project toelichting kunnen geven.

Het onderzoekproject is opgebouwd uit de volgende 3 fases:

Onderzoeksvraag en -plan

Deliverable is een verslag van 3 a 4 pagina's 11pt geschreven in MS-Word. Het verslag behandelt minstens de onderstaande punten. Verslag mailen naar de werkcollegeleider. Deadline 24 februari.
  1. Onderzoeksvraag:
  2. Probleemomschrijving: Welk probleem gaan we onderzoeken? Leg dit in detail uit.
  3. Scope en aannames, bijv
  4. Criteria: Wat ga je precies meten en hoe ga je dat doen:
  5. Test data en/of proefpersonen. Wat zijn onze testdata en/of proefpersonen en waar komen deze vandaan? Bijvoorbeeld test-data:
  6. Scenarios: Welke instellingen, varianten gaan we testen?

Tussenresulaten

Deliverable is een presentatie (30 maart) van ongeveer 15 minuten van onderzoeksplan en tussenresultaten en een tussenverslag (2 april) met tenminste onderstaande onderdelen. Het tussenverslag moet 2 a 3 pagina's lang zijn exclusief de aangepaste tekst van het onderzoeksplan, plaatjes, tabellen, grafieken.
  1. Aangepaste versie onderzoeksplan
  2. Eerste test resulaten. Geef deze begrijpelijk weer door:
  3. Plan voor experimenten:

Eindresultaten

Deliverable is een presentatie (20 april) en een op zichzelf leesbaar projectpaper (18 april). Dit paper moet voldoen aan de eisen van het individuele paper op alle onderdelen waar dit van toepassing is. Het paper bevat tenminste de onderstaande onderdelen:
  1. Inleiding
  2. Onderzoeksbeschrijving afgeleid van onderzoeksplan
  3. Beschrijving van de experimenten.
  4. Weergave van eindresultaten:
  5. Discussie en conclusie
  6. Reflectie:
Het projectpaper kan zowel in het Nederlands als in het Engels geschreven worden in LaTex of in Word.

Bronnen

Onder andere:

Tentamen statistiek

Bij dit tentamen mag u gebruik maken van een door uzelf handgeschreven A4-blad met formules. Indien er een statistische tabel nodig is, wordt deze bij het tentamen gegeven.

Rooster

Je mag ruilen met andere studenten in dezelfde werkcollegegroep. Geef dit van te voren door aan je werkcollegeleider. De onderwerpen staan op een andere webpagina.

De tijdstippen zijn onder voorbehoud. We hopen dusdanig zalen te krijgen dat er geen tussenuren zijn. Een en ander hangt af van het aantal deelnemers en beschikbare zalen op de Uithof. Colleges zijn altijd in de ochtend.

Cijferregeling

Je krijgt vier deelcijfers: Op het gemiddelde deelcijfer kan nog 1 punt wijzing omlaag (of omhoog) plaatsvinden afhankelijk van je participatie, bijvoorbeeld tijdens de nabespreking van de presentaties in de werkcolleges.

Voor een voldoende moet je, naast een cijfer dat naar 6 of hoger wordt afgerond:

Herkansing

Je kan op 2 onderdelen een aanvullende toets doen.
  1. Je mag het tentamen statistiek herkansen onafhankelijk van je eerste cijfer.
  2. Je kan een aanvullende toets voor het onderzoeksproject doen als je minstens een 4 hebt voor dit project. Heb je minder dan een 4 voor het onderzoeksproject, dan ben je gezakt.
  3. Je kan een verbeterde versie van je paper inleveren als je minstens een 4 hebt voor je paper. Heb je minder dan een 4 voor het onderzoeksproject, dan ben je gezakt.
  4. Je kan opnieuw een voordracht doen als je minstens een 4 hebt voor je voordracht. Daarbij moet je ook alle herkansingsvoordrachten van andere deelnemers bijwonen. Heb je minder dan een 4 voor je voordracht, dan ben je gezakt.
Nogmaals: je kan van 2 van de bovenstaande mogelijkheden gebruik maken.

Geen houdbaarheid van deelresultaten

De standaard regels rond deelresultaten van vakken gelden ook voor dit vak. Dit betekent dat als iemand zakt voor het vak, alle deelresultaten vervallen. Bijvoorbeeld: je hebt alle delen van het vak met een voldoende gedaan op 1 onderdeel na, en slaagt ook niet voor de herkansing. Dan moet je alle onderdelen weer opnieuw doen; het is ook zeer wel mogelijk dat je een ander onderwerp krijgt toegewezen.